Claimzaak Nederlandse VW-bezitters van start

De rechtbank van Amsterdam is begonnen met de behandeling van de massaclaim van de Stichting Volkswagen Car Claim tegen de Duitse autofabrikant.

De stichting eist dat alle bezitters van een dieselauto van de VW-merken waarin sjoemelsoftware is toegepast hun auto terug kunnen geven en dan de volledige aanschafprijs terug krijgen. Rekening houdend met 180.000 gedupeerde autorijders zou de geclaimde schade op kunnen lopen tot 4,5 miljard euro.

Volgens de stichting worden bezitters van de ‘gewraakte’ dieselauto’s geconfronteerd met een veel lagere inruilwaarde doordat hun auto veel ‘viezer’ is dan toegestaan. De Stichting Volkswagen Car Claim heeft niet alleen de Volkswagen Groep maar ook importeur Pon, de voormalige CEO’s van VW Martin Winterkorn en Matthias Müller en toeleverancier Bosch als maker van de sjoemelsoftware gedaagd. Omdat er eerst nog allerlei juridische vraagstukken opgelost moeten worden is de verwachting dat de inhoudelijke behandeling op zijn vroegst halverwege volgend jaar zal kunnen beginnen.

Claimzaak Nederlandse VW-bezitters van start - Automobielmanagement.nl

Claimzaak Nederlandse VW-bezitters van start

De rechtbank van Amsterdam is begonnen met de behandeling van de massaclaim van de Stichting Volkswagen Car Claim tegen de Duitse autofabrikant.

De stichting eist dat alle bezitters van een dieselauto van de VW-merken waarin sjoemelsoftware is toegepast hun auto terug kunnen geven en dan de volledige aanschafprijs terug krijgen. Rekening houdend met 180.000 gedupeerde autorijders zou de geclaimde schade op kunnen lopen tot 4,5 miljard euro.

Volgens de stichting worden bezitters van de ‘gewraakte’ dieselauto’s geconfronteerd met een veel lagere inruilwaarde doordat hun auto veel ‘viezer’ is dan toegestaan. De Stichting Volkswagen Car Claim heeft niet alleen de Volkswagen Groep maar ook importeur Pon, de voormalige CEO’s van VW Martin Winterkorn en Matthias Müller en toeleverancier Bosch als maker van de sjoemelsoftware gedaagd. Omdat er eerst nog allerlei juridische vraagstukken opgelost moeten worden is de verwachting dat de inhoudelijke behandeling op zijn vroegst halverwege volgend jaar zal kunnen beginnen.