Eerst een interessant bericht van Tavares (foto): bij de fusie zal niet één van de dertien merken van PSA of FCA verdwijnen. “Op de juiste wijze managen van de merken om de markt te bedienen maakt deel uit van onze uitdaging,” verwoordde de huidige CEO van PSA tijdens een interview voor de Franse televisie. “Alle merken hebben één ding gemeen, ze hebben een fantastische geschiedenis. Wij zijn gek op de historie van automerken, het geeft je een fundament waarop je jezelf naar de toekomst kunt projecteren. Daarom zie ik vandaag geen enkele noodzaak om, als de deal doorgaat, merken op te heffen omdat ze alle hun eigen geschiedenis en ook hun eigen sterke punten hebben.” Tavares haalt daarmee impliciet de kou uit de lucht voor met name het kwakkelende Alfa Romeo en voor het ook tot FCA behorende Maserati. En over Lancia worden al helemaal geen uitspraken gedaan.

Mogelijke obstakels

Tavares heeft ook iets gezegd over de mogelijke obstakels waar het fusieplan op zou kunnen vastlopen. Het bij elkaar voegen van twee grote autobedrijven moet immers door een aantal concurrentiediensten worden goedgekeurd. Dan hebben we het bijvoorbeeld over de Europese Commissie maar ook over de Amerikaanse overheid die een stem heeft omdat FCA beursgenoteerd is op Wall Street. Daarnaast moet ook de ‘kartelpolitie’ in Frankrijk en Italië het groene licht geven. Tavares anticipeert daar op met de mededeling ‘dat we elke noodzakelijke concessie zullen doen die de concurrentie-autoriteiten van ons gaan eisen’. Dat zou bijvoorbeeld kunnen betekenen dat PSA het Chinese staatsbedrijf Dongfeng moet verzoeken om haar aandelenbelang op te geven omdat de Amerikanen daar problemen mee hebben. Ook kan het zo zijn dat er ergens toch fabrieken moeten sluiten of verkooporganisaties moeten inkrimpen om een te groot overwicht op de markt te voorkomen.

Productiecapaciteit onderbenut

Alle procedures in vele landen zullen volgens PSA zelf zeker nog een jaar in beslag nemen. Verder wordt er ook veel gespeculeerd over de zware toezegging van beide bedrijven ‘dat er geen fabrieken gesloten zullen worden als gevolg van de fusie.’ In veel beschouwingen wordt de vraag opgeworpen of dat wel strookt met het uitgangspunt om zo’n 3,7 miljard aan kosten te besparen. Analyst LMC Automotive heeft berekend dat de partners samen genoeg capaciteit hebben voor 14 miljoen auto’s maar er momenteel ‘slechts’ 8,7 miljoen verkopen.

Dat is dus een capaciteitsbenutting van niet meer dan 58 procent in een dalende automarkt. Een andere analist, Jato Dynamics, wijst er op dat FCA liefst 27 fabrieken heeft in Italië. Tavares zelf heeft inmiddels gepreciseerd ‘dat we geen fabrieken sluiten maar het schrappen van arbeidsplaatsen niet uitsluiten.’ “In de hele auto-industrie staan de marges voortdurend onder druk en je moet ook permanent kijken waar je de productiviteit op kunt voeren.” In die auto-industrie wordt nu echter de vraag opgeworpen of de toezegging niet uitsluitend geldt voor de twee thuislanden Frankrijk en Italië. Met name de grote Vauxhall/Opel fabriek in het Britse Ellesmere Port, waar 3.000 mensen werken, zou wel eens ernstig bedreigd kunnen worden, zeker als Brexit de wederzijdse handel en onderdelenstroom gaat bemoeilijken. Ook bij het voortbestaan van een Fiat-fabriek in Servië en een fabriek van PSA in Hongarije worden nu al vraagtekens gezet. De Britse auto-expert David Bailey zegt het maar duidelijk: “Zwaar in de kosten snijden is gewoon niet mogelijk zonder fabrieken te sluiten en duizenden banen te schrappen.” Wordt vervolgd.

Lees ook: Te veel vestigingen PSA-FCA in Nederland