“De hele auto-industrie kampt met conjuncturele en structurele uitdagingen. De autoproductie zal dit jaar met 6,5 procent krimpen. Dat betekent zes miljoen voertuigen minder dan in 2018. Een verbetering is niet in zicht, wij rekenen niet met een conjuncturele neergang van één of twee jaar maar gaan er van uit dat de autoproductie tot 2025 niet zal groeien. Iedereen moet de capaciteit aanpassen. Ook Bosch,” aldus Stefan Hartung, lid van de Raad van Bestuur en hoofd van de divisie Mobility Solutions.

Hoeveel banen er nog op het spel staan wil en kan Hartung nog niet zeggen. Anders dan concurrent Continental heeft Bosch geen bezuinigingspakket opgesteld. “Wij zoeken in nauwe uitwisseling met de bonden van vestiging tot vestiging en van product tot product naar op maat gesneden oplossingen,” verwoordt Hartung. Bosch ziet zich daarnaast genoodzaakt een aantal projecten op te geven. “We hebben bijvoorbeeld besloten dat we wat mobiliteitsdiensten betreft geen op de eindklant gerichte business gaan aanbieden.” De Duitse onderneming kiest er liever voor om als technologie-leverancier op te treden voor grote
klanten als Uber of haar concurrent Lyft.

Bosch telde eind vorig jaar wereldwijd 410.000 werknemers. Dat was toen 7.700 meer dan aan het eind van 2017. In ons land telt Bosch volgens de laatste opgave 3.795 medewerkers die zich bezighouden met de fabricage van auto-technologie, industriële technologie en verwarmingssystemen in vestigingen in Amsterdam, Boxtel, Breda, Deventer, Eindhoven, Hoevelaken, Schiedam, Tilburg en Weert. Het bedrijf staat ook achter Bosch Car Services, AutoCrew en Bosch Workshop Planner die tot de grootste garage-formules in ons land behoren.