Bristol Cars stamt al uit de jaren na de Eerste Wereldoorlog maar is in de huidige vorm in 1945 opgericht als onderdeel van de Bristol Aeroplane Company. Dat bedrijf bouwde in de voorstad Filton tijdens de Tweede Wereldoorlog een groot aantal toestellen voor de RAF en bood daarmee werk aan 70.000 mensen. Toen er na de oorlog opeens geen behoefte meer was aan de vliegtuigen, werd overgeschakeld op auto’s om zoveel mogelijk mensen aan het werk te houden.

Het eerste model, de 400 die was geïnspireerd op de vooroorlogse BMW 326 en 328, had een zescilinder tweeliter motor en kon een topsnelheid halen van rond de 150 km/uur. In 1960 werd Bristol Cars onafhankelijk van het moederbedrijf toen dat onderdeel werd van luchtvaartmaatschappij BAC, het huidige British Airways. In 1997 kwam de autofabrikant vervolgens in handen van een consortium van ondernemers die verder weinig banden hadden met de autowereld. Bristol Cars had tot voor kort één showroom in de dure Kensington High Street in Londen.

Bristol Cars maakte nooit meer dan 100 auto’s per jaar. In 2011 werd de fabrikant voor het eerst failliet verklaard maar het maakte een doorstart onder leiding van Kamkorp Ltd. In de afgelopen jaren teerde Bristol Cars op de oude modellen totdat er in 2016 opeens een nieuw model, een verbeterde versie van de Bullet, naar buiten kwam. Die auto zou wel een prijskaartje mee moeten krijgen van rond de 300.000 euro. Het plan was de nieuwe Bullet in 2018 in productie te nemen maar de laatste jaren is er weinig tot niets meer van vernomen. In december vorig jaar werd uiteindelijk het faillissement geregistreerd bij de Britse Kamer van
Koophandel. Een beroep van Kamkorp heeft het zoveelste Britse automerk uiteindelijk niet meer kunnen redden.