Er zijn uitschieters tot boven de 50 procent, zo blijkt uit cijfers van Travelcard, een bedrijf dat tankpassen levert voor de zakelijke markt. De 400.000 Nederlandse auto’s die Travelcard onderzocht, tankten vorig jaar 402 miljoen liter benzine en diesel. Op basis van de fabrieksopgave had dat slechts 290 miljoen liter moeten zijn. Voor automobilisten is dat al snel een tegenvaller van honderden euro’s. Ook het milieu is slachtoffer, want er wordt  veel meer CO2 uitgestoten.

Gebruikers van een tankpas voorzien Travelcard automatisch van gegevens over hun praktijkverbruik. Het bedrijf laat die data analyseren door TNO. Die constateerde dat de praktijk een heel ander beeld geeft dan het theorieverbruik. Bij auto’s die vorig jaar op kenteken zijn gezet, is de afwijking 35 procent. Specifiek voor modellen die claimen bovengemiddeld zuinig te zijn, is het meerverbruik zelfs bijna 45 procent.

De cijfers over praktijkverbruik zijn in ons land extra relevant omdat de overheid ‘groene’ modellen fiscaal in de watten legt: voor modellen met een lage CO2-uitstoot hoeft geen aanschafbelasting (BPM) te worden betaald, er is vrijstelling van wegenbelasting en met een tot 14 procent verlaagde fiscale bijtelling zijn ze op de leasemarkt niet aan te slepen. Renault paste de Mégane 1.5 dCi zelfs speciaal aan voor de Nederlandse markt, zodat de auto op papier precies het door de importeur gewenste aantal grammen CO2 uitstoot. De genoemde Mégane verbruikt in de praktijk 58 procent meer dan Renault in de folder belooft.

Zeker één op de drie verkochte nieuwe auto’s verlaat in Nederland de showroom inmiddels met belastingvoordelen. Brancheorganisatie RAI Vereniging erkent dat het fiscale autobeleid hiermee een beetje aan het doorslaan is. Het gebeurt dat auto’s onverkoopbaar worden doordat ze op papier één gram CO2 meer uitstoten dan hun concurrent en daarmee belastingvoordelen mislopen. Terwijl ze in de praktijk best zuiniger en dus schoner zouden kunnen zijn. Naast verkoopoverwegingen hebben autofabrikanten ook andere belangen. Zij moeten op papier kunnen aantonen dat zij milieutechnisch goed bezig zijn en dat zij aan de aangescherpte uitstooteisen van de Europese Unie voldoen.

Volgens Travelcard zijn de cijfers waarop het overheidsbeleid is gebaseerd niet realistisch. Reden is dat de fabrieksopgaven gebaseerd zijn op een constante snelheid van 80 km/u, bij voorkeur in een windstille situatie, met achter het stuur iemand met een fluwelen rechtervoet. Dat is zeker in Nederland geen normaal rijgedrag. Volgens Travelcard is de verplichte Europese test (ECE; inmiddels al decennia oud), die bepaalt welk verbruik in de folders belandt, niet meer van deze tijd. De overheid kan zich volgens het bedrijf beter baseren op werkelijk verbruik. Dat is volgens Travelcard eerlijker.

Bron: Autointernationaal

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een gratis proefabonnement af

Bekijk de aanbieding