De ‘groene’ staat Californië hanteert veel strengere uitstootnormen voor auto’s dan wat er nationaal in de VS geldt. Dat levert de staat ook een hoogoplopend conflict op met president Donald Trump die klimaat veel minder ziet zitten. De vier genoemde automerken staan achter het beleid van de president en weigeren hun auto’s voorlopig te laten voldoen aan de strikte eisen van Californië.

Verbrandingsmotor in de ban

De staatsregering slaat nu terug door de gewraakte merken vanaf 1 januari in de ban te doen bij de aanschaf van overheidsvoertuigen. Dat hakt er voor de betrokken bedrijven fors in. Californië kocht tussen 2016 en 2018 voor 58,6 miljoen dollar auto’s van GM, voor 55,8 miljoen dollar van Fiat Chrysler, voor 10,6 miljoen dollar van Toyota en voor 9 miljoen dollar van Nissan. De staat heeft ook nog laten weten dat er bij ‘sedans’, zoals politiewagens, geen auto’s meer worden gekocht die alleen worden aangedreven door een verbrandingsmotor maar alleen nog plug-in hybrides of full-electric modellen. “Autofabrikanten die ervoor kiezen aan de verkeerde kant van de geschiedenis te zitten behoren tot de verliezers waar het gaat om de inkoopmacht van Californië,” verwoordt gouverneur Gavin Newson. Zijn besluit is tegelijkertijd goed nieuws voor een aantal andere merken waaronder twee Europese, BMW en Volkswagen. Die hebben wel toegezegd zich aan de staatsregels te houden en hebben ook modellen beschikbaar om dat waar te maken.