Het opmerkelijke van deze Europese regelgeving is dat het geluid moet lijken op dat van een auto met verbrandingsmotor. Soundbytes uit Star Trek of kreetjes uit Barbarella mogen dus niet. Opmerkelijk dat een auto, die voor velen de vooruitgang symboliseert, niet de bijbehorende geluiden mag maken, maar die moet nabootsen van een vervoermiddel dat door velen al is afgeserveerd.

Stel je voor dat begin 1900 de eerste auto’s met verbrandingsmotor het geluid van hoefgetrappel hadden moeten maken. Ik zie de bijrijder al zitten, met twee halve kokosnootschalen in zijn handen, zo goed mogelijk proberend een draf of galop te imiteren. Op zich is die beperking van het geluidsrepertoire een immense teleurstelling. Je mag dus niet op een zebrapad afrijden terwijl je Taycan de Unvollendete van Schubert inzet of zwierig een rotonde nemen terwijl het Zwanenmeer van Tsjajkovski bij je I-Pace de neus uitkomt.

Voor ons automensen bieden de nieuwe regels interessante mogelijkheden. De Europese bureaucraten vinden het namelijk goed dat bestuurders geluiden kunnen kiezen – als het maar van een auto met verbrandingsmotor afkomstig. Handige IT’ers kunnen daar een nieuwe business van maken. Een Tesla Model S met de soundtrack van een luid nagelende Mercedes 260D van 1935. Of een Renault Zoe die zachtjes de muziek van een 812 Superfast voor zich uitneuriet. Of zou Ferrari dat geluid beschermd hebben? Een Mercedes EQ die klinkt als een De Dion-Bouton & Trepardoux van 1887? Dat was weliswaar een stoomauto, maar ook die wordt door verbranding voortbewogen. Van kolen zelfs, net zoals nu (indirect) menige elektroauto, dus zo gek is deze suggestie niet.

Interessant is ook dat de bestuurder het geluid uit mag zetten. Het waarom daarvan is me niet helemaal duidelijk – misschien voor het geval dat er geen hond op de weg is? In de toekomst zal menige auto het geluid zelf aan- en uitschakelen middels zijn voetgangerdetectiesyteem. Hoe dan ook: we kunnen er zeker van zijn dat we van de auto met verbrandingsmotor nog veel zullen horen.