HVO is voor de één een compleet nieuw begrip, voor de ander al jaren gesneden koek. De consument zal het bij toeval kennen wanneer het bij de lokale pomp verkrijgbaar is, terwijl de professional zijn dieselvoertuigen (trucks, graafmachines, tractoren, etc.) al tijden op niets anders laat rijden. HVO 100 staat voor Hydrotreated Vegetable Oil en is een 100 procent organisch alternatief voor de gebruikelijke, minerale dieselbrandstof. Het bijzondere is dat het wordt gewonnen uit voornamelijk plantenresten en ander organisch afvalmateriaal. Het wordt als geheel duurzaam aangemerkt, omdat de planten die ervoor zijn verwerkt reeds hun portie CO2 uit de atmosfeer hebben opgenomen; dit compenseert voor wat er na de verbranding in de dieselmotor weer wordt uitgestoten. Neste spreekt zelf van een reductie van een kleine 90 procent. “De wereldwijde productie van HVO is momenteel zo’n 5,5 miljard liter en die hoeveelheid neemt snel toe”, aldus Germ Wiersma, directeur van Future Fuels Wholesale uit Heerenveen. Dit bedrijf is groothandelaar voor HVO van de Finse fabrikant Neste en in die rol schakel tussen de Neste-raffinaderij in Rotterdam en de oliehandel, die de brandstof op zijn beurt levert aan tankstations en grootverbruikers met een opslag op eigen terrein, zoals transportbedrijven. Future Fuels levert HVO sinds 2012 in Nederland en startte in 2014 met de fysieke import vanuit Hamburg. “De raffinaderij staat weliswaar in Rotterdam, maar daar konden de tankwagens toen nog niet geladen worden. We noemden ons product eerst blauwe diesel en we kleurden het blauw, zodat de chauffeurs via het kijkglas konden controleren of de juiste brandstof in hun wagens werd geladen. Hier komt het begrip ‘blauwe diesel’ vandaan.”

Kleurloos

Inmiddels verzorgt de fabrikant de import zelf en is Future Fuels groothandelaar van de voortaan Neste MY Renewable Diesel genoemde brandstof. Met 30 tankwagens bevoorraadt het bedrijf zijn klanten. “De blauwe kleur moest verdwenen, Neste eiste een kleurloze brandstof.” Van die 5,5 miljard liter wereldwijd is Neste goed voor ruim 3,7 miljard, zegt Wiersma. “De verwachte toename van de mondiale HVO-productie is te verklaren door technische ontwikkelingen die het mogelijk maken om steeds meer soorten afvalstoffen om te zetten naar dieselbrandstof. Om die hoeveelheden in verhouding te zien: in Nederland is vorig jaar circa 8 miljard liter diesel getankt. Het is dus nog te vroeg om alle minerale diesel in één keer door het duurzame HVO te vervangen. Bovendien neemt de vraag naar diesel sowieso nog altijd sterk toe; ondanks alle negatieve sentimenten rondom dieselauto’s vraagt de markt jaarlijks pakweg een half miljard liter diesel meer dan het jaar ervoor.” Wiersma is niet alleen om die reden een pleitbezorger van de dieselmotor en -techniek. “De wereld kan echt niet zonder, maar het imago is helaas slecht. Het wrange is dat de dieselmotor er zelf niets aan kan doen dat er met software is gesjoemeld. Die hele kwestie is geen dieselschandaal, maar een software-schandaal.” Fel gaat hij verder: “Ik vind elektrische auto’s prachtig, maar echt milieuvriendelijk kan ik ze niet noemen. De elektrische energie in Nederland is maar voor 6 procent afkomstig van windmolens en zonneparken, de overige 94 procent komt voor rekening van fossiele brandstoffen.” De brandstof HVO, die voldoet aan de norm EN15940, is zonder meer in elke dieselauto te gebruiken. Wiersma: “Het is voor elke dieselmotor de beste keuze, vanwege de veel schonere verbranding. Het cetaangetal, dat aangeeft in welke mate de brandstof tot ontbranding komt, is bij minerale diesel 51; bij HVO is dat 70. Dit betekent dat het sneller en vollediger verbrandt, met een schonere motor als resultaat. De uitstoot van NOx is tot wel 9 procent lager. Het verbruik van AdBlue zal eveneens iets afnemen.”

Stimulering

De technische voordelen staan vooralsnog tegenover het voor afnemers zwaarwegende argument van de hogere kosten; HVO is volgens Future Fuels afhankelijk van de locatie 5 tot 15 cent per liter duurder dan reguliere diesel. “Ik merk wel dat de belangstelling voor milieuvriendelijke producten bij consumenten toeneemt. Daar hoort HVO 100 ook bij.” En bij leasemaatschappijen, zouden zij op termijn hun berijders kunnen aansturen op het tanken van HVO 100? “Daar is de ontvangst vooralsnog lauw; ze zijn daar erg gewend om alleen met partijen te werken die zij goed kennen. Daar is nog een weg te gaan.” Bij ondernemers en de overheid ziet hij grote kansen voor groei. “Bedrijven die sterk consumentgericht zijn, zullen graag willen verkondigen dat hun voertuigen CO2-neutraal onderweg zijn. Hetzelfde geldt voor de bakker op de hoek, die hetzelfde op zijn bestelauto kan melden. De derde groep is de (semi-)overheid, zoals Staatsbosbeheer. HVO 100 is een circulaire brandstof, die wordt gewonnen uit afval. Mooier kan je het toch niet hebben?”

Met de vraag hoe de belangstelling voor HVO op Europees niveau is, wordt een belangrijk onderwerp aangesneden. “In Europa is de Renewable Energy Directive van kracht, die lidstaten verplicht om het gebruik van minerale brandstoffen gedeeltelijk te vervangen door duurzame. In Nederland moet dat dit jaar 16,4 procent zijn; bij het gebruik van HVO is dat 17,1 procent vanwege de iets lagere verbrandingswaarde. In ons land geldt in dit verband een stimuleringsregeling, zodat het overtreffen van de norm betekent dat je het overschot mag verkopen aan bedrijven binnen Nederland waar ze de norm niet halen. Het geld wat dit oplevert, gebruiken wij om de literprijs omlaag te brengen. Nederland is bijna uniek in deze aanpak; met uitzondering van Zweden geldt er in andere Europese landen een beleid gestoeld op boetes in plaats van stimulans. Juist daarom heeft Neste ervoor gekozen om in ons land extra te investeren.”

Verkrijgbaarheid

Een punt van zorg is vooralsnog de verkrijgbaarheid van HVO voor consumenten en ondernemers die geen tankunit op eigen terrein hebben. “Neste MY Renewable Diesel is nu al bij 70 tankstations in Nederland verkrijgbaar, maar dat worden er dit jaar zeker een paar honderd. Eén van onze wederverkopers is Tamoil, dat in Nederland 220 stations exploiteert. Die zullen niet van de ene dag op de andere ook HVO kunnen leveren, maar de groei zit er wel in. Er zijn sowieso geen grote investeringen nodig voor de exploitanten, omdat ze een bestaande unit kunnen gebruiken: een kwestie van de opslagtank leegmaken en reinigen, de filters vervangen en aan de slag.”