De schade loopt in de vele miljarden aan gemiste omzet en andere kosten. Marktonderzoeker IHS Markit verwacht dat er alleen al dit kwartaal 670.000 auto’s minder gebouwd kunnen worden. En het probleem lijkt ook niet snel opgelost te zijn.

Consumentenelektronica

Microprocessors zijn een onmisbaar onderdeel in de hedendaagse auto. In een modern model zitten er volgens deskundigen zeker 3.000, in een elektrische auto vaak nog veel meer. En als er ook maar één niet beschikbaar is, dan kan de auto niet worden afgeleverd. Maar die chips zitten ook in mobiele telefoons, computers, televisies, gameconsoles, veel huishoudelijke spullen en noem maar op. Zat de vraag naar die toestellen al jaren in de lift, de wereldwijde lockdowns hebben vooral de verkopen van consumentenelektronica een enorme ‘boom’ gegeven. Inmiddels is de wereldwijde omzet aan chips opgelopen tot 450 miljard euro. Bedenk daarbij dat Apple alleen al meer chips inkoopt dan alle autofabrikanten in de wereld bij elkaar. Tegelijkertijd dachten veel autobouwers dat ze er voorlopig minder nodig hadden omdat de vraag door corona toch scherp inzakte, tot ze tot hun schrik ontdekten dat ze de laatste maanden een stuk meer auto’s konden verkopen dan was gepland.

Gevolgen

De gevolgen laten zich wereldwijd voelen. Vrijdag nog deelde Ford mee alleen al dit eerste kwartaal een omzetverlies van 2,5 miljard dollar te vrezen. Ford heeft één van haar fabrieken in Duitsland een maand stil gelegd maar moet ook de productie van de lucratieve F-150 in de VS op een lager pitje zetten. Mercedes-Benz heeft de banden in Rastatt en Bremen tijdelijk stil moeten zetten maar zegt dat die nu weer draaien. Opel onderbreekt de productie in Eisenach, General Motors moet drie van haar Amerikaanse fabrieken stoppen. Volkswagen plant voor de hoofdvestiging in Wolfsburg na onderbrekingen de afgelopen weken deze maand nog twee dagen stilstand terwijl Audi vorige maand in Ingolstadt en Neckarsulm al korter heeft gewerkt.

Voorraad

Deskundigen in de chipindustrie wijzen daarbij met de vinger naar de autobazen zelf. Die houden, zeker in een tijd van kostenbesparingen, vast aan een productie op basis van just-in-time delivery waardoor ze geen onderdelen, dus ook geen chips, in voorraad houden. “Voorraden betekent geld, dat is dus de laatste optie waar we aan denken,’’ zegt bijvoorbeeld CEO Oliver Blume van Porsche. Veel grote autobedrijven hadden halverwege vorig jaar juist nieuwe bestellingen van chips afgezegd vanwege de pandemie. Bovendien houden ze het aantal toeleveranciers graag beperkt waardoor ze de chips betrekken van grote bedrijven als Bosch of Continental die ze echter zelf bij derden moeten inkopen. Conti zelf waarschuwde in november al voor tekorten maar die berichten werden in de wind geslagen.

Te laat

Chipfabrikanten zijn echter niet erg gek op sterke schommelingen in de vraag. Een nieuwe fabriek bouwen of zelfs maar een productielijn toevoegen kost immers miljarden aan ingewikkelde apparatuur. Het Taiwanese TSMC, de grootste chipfabrikant ter wereld, denkt dit jaar bijvoorbeeld 28 miljard dollar nodig te hebben om de productie op te voeren. TSMC voorspelt daarbij dat de tekorten niet voor eind 2022 ingelopen zullen zijn. Volgens bronnen hebben Volkswagen, Ford en andere autobedrijven bij TSMC zelf aangeklopt maar daar geen gehoor gevonden. “De elektronicasector begon al halverwege vorig jaar de orders weer op te voeren, autobedrijven kwamen pas in de laatste weken. Die waren dus te laat,’’ zegt CEO C.C. Wei. ‘’Het zal een aardige tijd duren voordat we de capaciteit opgevoerd hebben. Veel van onze klanten onderschatten de complexiteit van de keten,’’ voegt Reinhard Ploss, topman van de grootste fabrikant van autochips Infineon er aan toe. De auto-industrie kan dan wel smeken om meer chips maar voorlopig zal daar niet aan worden voldaan.

Lees ook:
Chipscrisis raakt steeds meer autofabrikanten
Tekort aan computerchips speelt VW parten