Het behoeft geen betoog dat de snelle opkomst van ADAS-systemen ingrijpende gevolgen heeft. De introductie van bijvoorbeeld noodremsystemen zorgt ervoor dat de schadelast wordt verminderd, maar de schade die hersteld moet worden, brengt als gevolg van het feit dat de systemen gekalibreerd moeten worden wel meer complexiteit en hogere rekeningen met zich mee.

Samen met Autotelex, dat per automodel in kaart heeft gebracht welke ADAS-systemen aan boord zijn en vaak ook de systemen die optioneel verkrijgbaar zijn, heeft VMS I Insight op verzoek van Rijkswaterstaat de ADAS-monitor ontwikkeld, die precies laat zien hoe snel de opkomst van deze systemen verloopt. Hoewel dit soort systemen in de afgelopen jaren sterk in opkomst zijn bij nieuwe automodellen, duurt het wel even voordat het doorsijpelt. “Nederland heeft een relatief oud wagenpark,” aldus Wijtze Terpstra, mede-eigenaar bij de specialist uit Vianen. “Neem bijvoorbeeld cruise control. Dat is inmiddels standaard bij praktisch elk nieuw automodel, maar op het moment is 66 procent van het totale wagenpark ervan voorzien.” Desondanks is het natuurlijk wel een ontwikkeling die autoland op zijn kop zet. Ook voor een partij als Rijkswaterstaat heeft het grote gevolgen. “De belijning moet aan bepaalde voorwaarden voldoen om ervoor te zorgen dat rijbaanassistenten goed werken. Ook moet er bij de plaatsing van verkeersborden rekening worden gehouden met verkeersbordassistenten,” aldus Terpstra.

Het bedrijf heeft ook in kaart gebracht hoe berijders omgaan met dit soort systemen. Het is immers leuk dat ze aan boord zijn, maar als ze worden uitgeschakeld omdat ze als irritant worden ervaren, heeft het allemaal niet zo veel zin. Terpstra: “We hebben meegewerkt aan een onderzoek waarin werd gekeken of mensen hun rijgedrag aanpassen aan deze systemen. Gaan ze bijvoorbeeld meer risico’s nemen omdat ze zich veilig wanen met ADAS-systemen?” Ook denken mensen soms dat hun auto over een bepaald systeem beschikt terwijl dat helemaal niet zo is, of hun auto beschikt juist over meer systemen dan ze denken.

Lagere premie

Uiteraard hebben ook verzekeringsmaatschappijen grote interesse in de gegevens met betrekking tot de ADAS-systemen. Voor hen verandert er immers ook het nodige. “Zij kunnen deze gegevens matchen met ongelukken,” aldus Terpstra. “Zo kunnen ze precies zien of er met ADAS-systemen ook daadwerkelijk minder aanrijdingen plaatsvinden. En als dat zo is, dan kan dat ook worden vertaald naar een lagere premie.”

VMS I Insight heeft eerst de personenauto’s in kaart gebracht, en daarna de bestelwagens en vrachtwagens. Daar was nog niets voor vastgelegd, het bedrijf heeft de data rechtstreeks bij de fabrikant opgevraagd. “Die beschikken over aanzienlijk minder systemen, bij de aanschaf geeft vooral de TCO de doorslag,” aldus Terpstra. “Het is een heel verschil met vrachtwagens, die vaak behoorlijk wat van dit soort systemen aan boord hebben.” Best een opvallende ontwikkeling eigenlijk, als je bedenkt dat er met bestelwagens veel wordt gereden, en dan vaak ook door bestuurders die onder tijdsdruk staan.

“Vanaf mei 2022 dienen bestelwagens bij de typegoedkeuring over een aantal ADAS-systemen te beschikken, zoals vermoeidheidsherkenning en snelheidsherkenning.” Vrachtwagens zijn als gezegd al behoorlijk ver op dit vlak. Denk daarbij bijvoorbeeld aan de predictive cruise control, die ervoor zorgt dat er ook in heuvelachtig gebied economisch kan worden gereden.

Grote stappen

“We zien vaak dat fabrikanten tot het laatste moment wachten met het standaard maken van dit soort systemen,” aldus Terpstra. “Een navigatiesysteem af fabriek is in de vrachtwagenwereld bijvoorbeeld nog redelijk zeldzaam.” Doordat vrachtwagens na een jaar of vijf vaak worden vervangen en worden geëxporteerd, is het rijdende wagenpark jong. Daardoor beschikt nu al 50 procent van de vrachtwagens over Lane Departure Warning.” Ook bij de personenwagens worden in de afgelopen paar jaar grote stappen gezet. “Het aantal auto’s dat over verkeersbordherkenning beschikt, is bijvoorbeeld sinds 2019 gestegen van 17 naar ruim 45 procent,” aldus Terpstra. “We zien ook dat deze systemen steeds meer worden geaccepteerd, mensen gaan de voordelen ervan inzien en ze gaan steeds beter werken.”

Lees ook:
ADAS Alliantie: overgangsfase naar autonoom rijden wordt heel spannend