Wat valt er op? In navolging van de renaissance van de dieselmotor wordt een comeback van de sedan voorspeld. Met als primaire argument dat een nieuwe generatie consumenten in een ander soort auto wil rijden dan hun ouders, die nu massaal een Captur, Qashqai of Q5 kopen. Maar ‘afzetten tegen’ is niet hetzelfde als oude dingen omarmen. Verworvenheden, zoals een vijfde deur, extra veel bagageruimte of een gemakkelijke instap, wil de burger niet snel prijs geven. Jong geleerd is oud gedaan. En dus zal de sedan nooit een comeback maken, hoeveel exemplaren er van de Tesla Model 3 ook verkocht worden.

Dat deze Amerikaan dit jaar zo gretig aftrek vindt, heeft niks te maken met zijn sedanvorm maar alles met zijn lage bijtelling. Als een nieuwe generatie zich op autogebied afzet tegen hun ouders, dan gebeurt dat met elektrische aandrijving. Volkswagen ziet dat heel duidelijk als zij de leeftijd van de ID.3 kopers vergelijkt met klanten die nog een keer voor de Golf gaan. Rijden in een auto met verbrandingsmotor begint geleidelijk aan net zo fout te worden als vlees eten. Vegetariërs zijn dan ook gemiddeld jonger dan carnivoren.

Dus anders dan de sedan zal de elektrische auto het straatbeeld gaan domineren. Is rijden in een personenwagen met waterstofaandrijving de vervolgstap? Nee, daar geloof ik niet in. Sterker nog: investeringen in dergelijke techniek zullen weggegooid geld blijken te zijn, net zoals wedden op het ‘wankelpaard’ ooit verkeerd heeft uitgepakt. Of erop gokken dat de volledig autonoom rijdende auto om de hoek staat.

Ik denk dat de consument de elektrische auto volledig links zou hebben laten liggen als er geen doemscenario’s van rijverboden in binnensteden waren, of als er geen financiële beloning was. Anders gezegd: een nieuwe gedragswisseling richting rijden op waterstof zit er alleen in bij specifieke stimuli waarvoor elektrische auto’s niet in aanmerking komen, of angstbeelden waarover eigenaren van een model met een brandstofcel zich geen zorgen hoeven te maken. Dat zit er niet in.

De overheid is al lang blij dat de consument bereid is om een auto met een batterij aan te schaffen. Dat die met een hoge, windvangende carrosserie meer stroom verbruikt dan als aalgladde, lage sedan nemen de beleidsmakers graag op de koop toe.