Zo’n herstel, maar dan wel uiterst bescheiden, is zichtbaar in Duitsland en Frankrijk waar in februari rond een half procent meer auto’s werden verkocht dan in februari 2018. Van de andere grote landen laat Spanje het echter weer afweten want daar werden ruim acht procent minder auto’s verkocht. Italië doet het met een min van vijf procent ook slecht terwijl de Britse markt met 0,6 procent lagere verkopen nog altijd onder de streep blijft hangen. De opmerkelijkste stijger is het kleine Litouwen waar met 3.112 exemplaren bijna dubbel zo veel auto’s werden verkocht als een jaar geleden. Aan de andere kant maakte Zweden een forse klap met bijna 15 procent minder verkochte auto’s.

Op de merkenlijst over februari valt in de eerste plaats de forse klap op bij Porsche dat 44 procent minder auto’s verkocht. De andere grote schommelingen zitten allen bij merken uit de stal van Fiat Chrysler Automobiles. Zo wist Lancia Chrysler 38,5 procent meer te verkopen, boekte Jeep een winst van 35 procent maar leverde Alfa Romeo juist bijna 43 procent in terwijl Fiat 11,5 procent minder auto’s verkocht. Verder blijft Nissan in de hoek waar de slagen vallen met een nieuwe daling met ruim 24 procent. Partner Mitsubishi doet het echter opmerkelijk goed want dat wist 29 procent meer auto’s te verkopen dan een jaar eerder. In die kopgroep zit ook Lada met 22 procent groei maar dat betekent dat er in heel Europa nog altijd niet meer dan 526 Lada’s werden verkocht. Bij alle grote groepen blijven de verkopen schommelen op het niveau van een jaar geleden met uitzondering van FCA dat als groep per saldo met een daling van ruim vijf procent eindigde.