Acea tekent daarbij aan dat de verkopen in Groot-Brittannië vanwege Brexit niet meer in de EU-totalen worden meegeteld. De statistieken over vorig jaar zijn wel gecorrigeerd om een goede vergelijking mogelijk te maken.

De cijfers per land vertonen over januari een haast nog grotere variatie dan normaal al het geval is. Van de grote markten deed Frankrijk het ’t slechtst met ruim 13 procent lagere verkopen, voornamelijk vanwege de per 1 januari verhoogde heffing op grotere modellen. Duitsland en Spanje zitten beide op een min van ruim zeven procent. Verder laat Zweden – opnieuw – een daling zien van 18 procent en kwamen de verkopen in Polen, Denemarken en Roemenië eveneens meer dan 10 procent lager uit. Aan de andere kant komt het kleine Litouwen uit de bus met 35 procent hogere verkopen en zitten ook Griekenland en Hongarije aardig in de plus. In Nederland werden, zoals eerder gemeld, in deze eerste maand van het nieuwe jaar 6,1 procent minder auto’s verkocht terwijl België met een groei van 1,5 procent net in de plus is uitgekomen.

Alfa Romeo en Jaguar leveren in

De merkenlijst vertoont enkele zware verliezers. Zo verkochten zowel Opel als Ford een kwart minder auto’s dan in januari 2019, laat Dacia een opmerkelijke daling met 30 procent zien, komt ook Alfa Romeo 30 procent lager uit en moest Jaguar 33 procent inleveren. Een grote winnaar is Porsche dat driekwart meer auto’s verkocht dan een jaar eerder terwijl zustermerk Seat opnieuw goed scoort met 10 procent hogere verkopen.