Dit heeft de SWOV becijferd. De kosten per slachtoffer worden onder meer gebruikt in kosten-batenanalyses om verkeersveiligheidseffecten van maatregelen in geld uit te drukken. Behalve de medische kosten van verzorging in een ziekenhuis of verpleeghuis wordt daarin ook het productieverlies meegenomen. Dat is de bijdrage in geld uitgedrukt die iemand had kunnen leveren wanneer hij of zij niet gewond was geraakt of voortijdig was overleden. Maar de belangrijkste factor is verlies aan kwaliteit van leven door leed, pijn, verdriet en verlies aan levensvreugde. Tenslotte worden ook de materiële kosten (op basis van verzekeringsgegevens), de kosten van de politie en de kosten van files doorberekend.

De totale kostenpost (voor 2009) van 12,5 miljard euro is 2,2 procent van het bruto binnenlands product. Hiervan geldt 5,2 miljard euro voor ernstig verkeersgewonden, 1,9 miljard euro voor verkeersdoden, 5,8 miljard euro voor immateriële kosten en 3,9 euro voor materiële kosten.

De kosten per slachtoffer zijn verreweg het hoogst voor een verkeersdode (2,6 miljoen euro), vooral omdat de immateriële kosten daarin zwaar meewegen.