Column Clem Dickmann: Vangnet

Het blijft toch razend knap zoals die PR-jongens dat doen. Kort voor het jaareinde flux de verwachting naar beneden bijstellen om vervolgens de pers een hapje goed nieuws in de mond te leggen. Zelfs het Financiële Dagblad trapte erin en kopte ‘Autoverkoop in Nederland iets hoger dan verwacht.’

Gratis en voor niks toch nog een goed gevoel over de autoverkopen van 2016. Dat het in werkelijkheid om het dieptepunt in bijna 50 jaar tijd ging raakt keurig ondergesneeuwd. Chapeau! Wat hebben we ook aan al die somberheid!

Maar toen plots een verrassende actie van de dealervoorzitter op de radio. Hij ziet het langjarig verkoopgemiddelde ergens tussen de 400 en 420 duizend nieuwe auto’s. Jeetje, da’s niet veel. Het is zelfs zo verdacht weinig dat er vast over vergaderd is. Want ook de rest van het vraaggesprek stond bol van de curiositeiten. Autodelen zou namelijk een bedreiging gaan worden. Nog zo een: het rendement van dealers – dat op één procent gaat uitkomen – is ‘structureel veel te weinig’.

Op de vraag of er dan rendementsverschil zit tussen grote en kleine dealers wordt geantwoord ‘daarin hebben wij geen inzicht’. Wel zou er behoefte zijn aan een vangnet voor sluitingen, maar ‘de ideeën daarvoor houden we nog even voor ons’. En het gaat verder. Dealers moeten ‘anders naar de wereld gaan kijken’ en wat mij betreft de bonusopmerking: ‘we moeten gaan luisteren naar klanten’. Dat laatste werd overigens jaren geleden ook al door bankiers beloofd. Inmiddels weten we hoe serieus we zoiets moeten nemen. Allemaal apekool dus.

Ik begrijp inmiddels dat je dit soort statements niet al te inhoudelijk moet beoordelen. Het is de ondertoon waar het om gaat. Dealers schetsen bewust een somber beeld om daarmee een mooie uitgangspositie te realiseren in het spel om de vestigingenafbouw. Want de wenselijkheid van minder outlets is inmiddels bij alle marktpartijen wel doorgedrongen. Maar ja, erg veel belangstelling voor die panden is er niet en leegstand is hoe dan ook kostbaar. Grote vraag: wie moet dat gaan betalen? Het antwoord van de dealers klinkt in alle toonaarden door: de importeurs. Die moeten op de eerste plaats niet zeuren over hoge targets en ook niet al te moeilijk doen met standards. Maar wel graag wat meedenken over dat vangnet.

Onderwijl verdienen dealers goed geld in de werkplaats en vooral met occasions die ze zelf in groten getale importeren. Zelfs in rampjaar 2016 hoor je niemand klagen over het rendement. Vooralsnog lijkt deze strategie effectief. En die importeurs maar steeds weer aan hun hoofdkantoor uitleggen dat het allemaal niet meevalt, daar in dat eigenwijze Holland. Je gaat het haast zelf geloven.

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een gratis proefabonnement af

Bekijk de aanbieding

Column Clem Dickmann: Vangnet - Automobielmanagement.nl

Column Clem Dickmann: Vangnet

Het blijft toch razend knap zoals die PR-jongens dat doen. Kort voor het jaareinde flux de verwachting naar beneden bijstellen om vervolgens de pers een hapje goed nieuws in de mond te leggen. Zelfs het Financiële Dagblad trapte erin en kopte ‘Autoverkoop in Nederland iets hoger dan verwacht.’

Gratis en voor niks toch nog een goed gevoel over de autoverkopen van 2016. Dat het in werkelijkheid om het dieptepunt in bijna 50 jaar tijd ging raakt keurig ondergesneeuwd. Chapeau! Wat hebben we ook aan al die somberheid!

Maar toen plots een verrassende actie van de dealervoorzitter op de radio. Hij ziet het langjarig verkoopgemiddelde ergens tussen de 400 en 420 duizend nieuwe auto’s. Jeetje, da’s niet veel. Het is zelfs zo verdacht weinig dat er vast over vergaderd is. Want ook de rest van het vraaggesprek stond bol van de curiositeiten. Autodelen zou namelijk een bedreiging gaan worden. Nog zo een: het rendement van dealers – dat op één procent gaat uitkomen – is ‘structureel veel te weinig’.

Op de vraag of er dan rendementsverschil zit tussen grote en kleine dealers wordt geantwoord ‘daarin hebben wij geen inzicht’. Wel zou er behoefte zijn aan een vangnet voor sluitingen, maar ‘de ideeën daarvoor houden we nog even voor ons’. En het gaat verder. Dealers moeten ‘anders naar de wereld gaan kijken’ en wat mij betreft de bonusopmerking: ‘we moeten gaan luisteren naar klanten’. Dat laatste werd overigens jaren geleden ook al door bankiers beloofd. Inmiddels weten we hoe serieus we zoiets moeten nemen. Allemaal apekool dus.

Ik begrijp inmiddels dat je dit soort statements niet al te inhoudelijk moet beoordelen. Het is de ondertoon waar het om gaat. Dealers schetsen bewust een somber beeld om daarmee een mooie uitgangspositie te realiseren in het spel om de vestigingenafbouw. Want de wenselijkheid van minder outlets is inmiddels bij alle marktpartijen wel doorgedrongen. Maar ja, erg veel belangstelling voor die panden is er niet en leegstand is hoe dan ook kostbaar. Grote vraag: wie moet dat gaan betalen? Het antwoord van de dealers klinkt in alle toonaarden door: de importeurs. Die moeten op de eerste plaats niet zeuren over hoge targets en ook niet al te moeilijk doen met standards. Maar wel graag wat meedenken over dat vangnet.

Onderwijl verdienen dealers goed geld in de werkplaats en vooral met occasions die ze zelf in groten getale importeren. Zelfs in rampjaar 2016 hoor je niemand klagen over het rendement. Vooralsnog lijkt deze strategie effectief. En die importeurs maar steeds weer aan hun hoofdkantoor uitleggen dat het allemaal niet meevalt, daar in dat eigenwijze Holland. Je gaat het haast zelf geloven.

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een gratis proefabonnement af

Bekijk de aanbieding