Weinig reden voor feest voor 150 jaar Opel

Opel bestaat 150 jaar, maar er is weinig reden voor een feest. Opel probeert nog steeds op te krabbelen uit de diepe crisis waarin het al jaren verkeert. De Duitse GM-dochter staat aan de vooravond van de zoveelste bezuinigingsoperatie en binnen een paar maanden moeten de plannen duidelijk zijn.

Opel bestaat dit jaar anderhalve eeuw en heeft als verjaardagscadeau vooral één ding op het verlanglijstje staan: "Winst maken, en wel zo snel mogelijk", aldus ceo Karl-Friedrich Stracke van Opel/Vauxhall. "We werken er keihard aan, om niet te zeggen agressief, om dat doel te bereiken. En we laten geen onderdeel van onze onderneming ongemoeid."

Een nieuwe reorganisatie is hard nodig want Opel zit al meer dan tien jaar in de rode cijfers. Analisten schatten het verlies op bijna een miljard euro per jaar maar er was altijd nog moeder GM. In 2009 raakte het geduld van het moederbedrijf op toen het zelf aan de rand van de afgrond was terecht gekomen. GM zette Opel (en Saab) toen in de etalage, maar zag op het allerlaatste moment toch van de verkoop af. Sindsdien leek het weer wat beter te gaan met het merk, maar afgelopen najaar maakte de eurocrisis opnieuw een einde aan het optimisme. De verkopen zijn de afgelopen maanden gedaald waardoor het positieve effect van de sluiting van de Opel-fabriek in Antwerpen in 2009 op de productiecapaciteit alweer is verdampt. De eurocrisis heeft pijnlijk duidelijk gemaakt hoe kwetsbaar het merk is: Opel verkoopt namelijk 87 procent van zijn auto’s binnen Europa, en dáár moet verandering in komen, vindt Stracke: "We kijken naar exportmogelijkheden. In september beginnen we in Australië en we hebben ook grote plannen met China."

Verder put Stracke moed uit het onlangs aangekondigde samenwerkingsverband met Peugeot Citroën: "Daardoor kunnen we veel sneller en goedkoper nieuwe modellen op de markt brengen." PSA wil samen met Opel onderdelen gaan inkopen en fabrieken delen. Dat laatste is nodig want Opel gebruikt slechts 75 procent van zijn productiecapaciteit en Peugeot Citroën zelfs niet meer dan 65 procent. De Frans-Duitse alliantie wil vanaf 2016 tevens de technische basis van nieuwe automodellen gaan delen. De kersverse partners gaan ervan uit dat zij vanaf 2017 jaarlijks anderhalf miljard euro op de kosten zullen besparen. Maar daarmee alleen zal Opel het niet redden. Het merk probeert zich ook nog steeds te ontdoen van het licht oubollige imago dat in de afgelopen decennia is ontstaan.

In Nederland was Opel jarenlang de auto van de gewone man. Niet verwonderlijk, want de Kadett was decennialang de meest verkochte auto, maar Opel is inmiddels afgezakt naar plek 6 en moet VW, Ford, Peugeot, Renault en Toyota voor zich dulden. Anderzijds voelt het de hete adem van nummer 7 (Kia) in de nek want die zit maar enkele honderden exemplaren lager. Opel probeert zijn imago op te poetsen met spannende en verrassende vormgeving van z’n modellen. Bovendien straalt het interieur meer kwaliteit uit dan voorheen. Met de elektrische Ampera bewijst het merk bovendien technisch vooruitstrevend te zijn. Topman Stracke is niet tevreden met het huidige merkimago: "Het kan beter. Maar ik moet ik wel zeggen dat ons imago al significant is verbeterd, dat blijkt ook uit onderzoeken. De Ampera, gekozen tot Auto van het Jaar 2012, moet ons helpen het imago te versterken. En natuurlijk, naast onze inspanningen voor het elektrisch rijden, hebben we nieuwe zuinige benzine- en dieselmotoren nodig. Die komen eraan. We zullen ze meteen geschikt maken voor hybride aandrijving."

De eerstvolgende nieuwe Opel is de Mokka, een kleine SUV, die eind dit jaar in de showrooms arriveert. Later volgt de Allegra, de eerste kleine premiumauto van het merk die het moet gaan opnemen tegen de Audi A1 en de Mini. In 2014 verschijnt er een nieuwe Corsa. (bron: autointernationaal)

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een gratis proefabonnement af

Bekijk de aanbieding

Weinig reden voor feest voor 150 jaar Opel - Automobielmanagement.nl

Weinig reden voor feest voor 150 jaar Opel

Opel bestaat 150 jaar, maar er is weinig reden voor een feest. Opel probeert nog steeds op te krabbelen uit de diepe crisis waarin het al jaren verkeert. De Duitse GM-dochter staat aan de vooravond van de zoveelste bezuinigingsoperatie en binnen een paar maanden moeten de plannen duidelijk zijn.

Opel bestaat dit jaar anderhalve eeuw en heeft als verjaardagscadeau vooral één ding op het verlanglijstje staan: "Winst maken, en wel zo snel mogelijk", aldus ceo Karl-Friedrich Stracke van Opel/Vauxhall. "We werken er keihard aan, om niet te zeggen agressief, om dat doel te bereiken. En we laten geen onderdeel van onze onderneming ongemoeid."

Een nieuwe reorganisatie is hard nodig want Opel zit al meer dan tien jaar in de rode cijfers. Analisten schatten het verlies op bijna een miljard euro per jaar maar er was altijd nog moeder GM. In 2009 raakte het geduld van het moederbedrijf op toen het zelf aan de rand van de afgrond was terecht gekomen. GM zette Opel (en Saab) toen in de etalage, maar zag op het allerlaatste moment toch van de verkoop af. Sindsdien leek het weer wat beter te gaan met het merk, maar afgelopen najaar maakte de eurocrisis opnieuw een einde aan het optimisme. De verkopen zijn de afgelopen maanden gedaald waardoor het positieve effect van de sluiting van de Opel-fabriek in Antwerpen in 2009 op de productiecapaciteit alweer is verdampt. De eurocrisis heeft pijnlijk duidelijk gemaakt hoe kwetsbaar het merk is: Opel verkoopt namelijk 87 procent van zijn auto’s binnen Europa, en dáár moet verandering in komen, vindt Stracke: "We kijken naar exportmogelijkheden. In september beginnen we in Australië en we hebben ook grote plannen met China."

Verder put Stracke moed uit het onlangs aangekondigde samenwerkingsverband met Peugeot Citroën: "Daardoor kunnen we veel sneller en goedkoper nieuwe modellen op de markt brengen." PSA wil samen met Opel onderdelen gaan inkopen en fabrieken delen. Dat laatste is nodig want Opel gebruikt slechts 75 procent van zijn productiecapaciteit en Peugeot Citroën zelfs niet meer dan 65 procent. De Frans-Duitse alliantie wil vanaf 2016 tevens de technische basis van nieuwe automodellen gaan delen. De kersverse partners gaan ervan uit dat zij vanaf 2017 jaarlijks anderhalf miljard euro op de kosten zullen besparen. Maar daarmee alleen zal Opel het niet redden. Het merk probeert zich ook nog steeds te ontdoen van het licht oubollige imago dat in de afgelopen decennia is ontstaan.

In Nederland was Opel jarenlang de auto van de gewone man. Niet verwonderlijk, want de Kadett was decennialang de meest verkochte auto, maar Opel is inmiddels afgezakt naar plek 6 en moet VW, Ford, Peugeot, Renault en Toyota voor zich dulden. Anderzijds voelt het de hete adem van nummer 7 (Kia) in de nek want die zit maar enkele honderden exemplaren lager. Opel probeert zijn imago op te poetsen met spannende en verrassende vormgeving van z’n modellen. Bovendien straalt het interieur meer kwaliteit uit dan voorheen. Met de elektrische Ampera bewijst het merk bovendien technisch vooruitstrevend te zijn. Topman Stracke is niet tevreden met het huidige merkimago: "Het kan beter. Maar ik moet ik wel zeggen dat ons imago al significant is verbeterd, dat blijkt ook uit onderzoeken. De Ampera, gekozen tot Auto van het Jaar 2012, moet ons helpen het imago te versterken. En natuurlijk, naast onze inspanningen voor het elektrisch rijden, hebben we nieuwe zuinige benzine- en dieselmotoren nodig. Die komen eraan. We zullen ze meteen geschikt maken voor hybride aandrijving."

De eerstvolgende nieuwe Opel is de Mokka, een kleine SUV, die eind dit jaar in de showrooms arriveert. Later volgt de Allegra, de eerste kleine premiumauto van het merk die het moet gaan opnemen tegen de Audi A1 en de Mini. In 2014 verschijnt er een nieuwe Corsa. (bron: autointernationaal)

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een gratis proefabonnement af

Bekijk de aanbieding