Ook aandeelhouders keuren fusie PSA en FCA goed

Op 16 januari, toch nog eerder dan verwacht, gaan PSA en FCA samen onder de naam Stellantis. De aandeelhouders hebben de fusie gisteren goedgekeurd. Het vierde autobedrijf ter wereld is daarmee een feit, met liefst 14 merken onder één dak en en een jaarlijkse productie van 8.7 miljoen voertuigen (cijfers 2019). Het hoofdkantoor staat in Amsterdam waar ook FCA haar juridische zetel heeft.

Na een akkoord van de Europese Commissie is gisteren de laatste horde genomen voor de fusie tussen PSA en FCA. Of eigenlijk was het geen horde want dat de aandeelhouders van zowel Groupe PSA als van Fiat Chrysler Automobiles de fusie goed zouden keuren, stond van te voren wel vast. Meer dan 99 procent stemde inderdaad vóór tijdens de – virtuele – buitengewone vergaderingen van aandeelhouders die beide bedrijven maandag hebben gehouden.

Opluchting

Zeker voor FCA komt het slagen van de fusie als een opluchting. Fiat Chrysler, zelf het resultaat van de overname van het failliete Chrysler door Fiat in 2014, is al een paar jaar op zoek naar een geschikte partner. In 2015 riep de toenmalige topman wijlen Sergio Marchionne dat een verdere schaalvergroting in de auto-industrie onvermijdelijk was om de toen al opdoemende uitdagingen van de elektrificatie, digitalisering en autonoom rijden het hoofd te bieden. FCA zocht eerst toenadering tot Renault maar dat stuitte op tegenstand van de Franse staat, één van de grootste aandeelhouders, die vreemd genoeg nu het samengaan met PSA wel volledig steunt. Groupe PSA deed ondertussen een kleinere deal met de overname van Opel/Vauxhall van General Motors in 2017. In het najaar van 2019 kondigden PSA en FCA tot veler verrassing hun 50/50 fusie aan die ondanks de wereldwijde crisis in de autowereld, de onderlinge verschillen en allerlei praktische problemen nu realiteit is geworden.

Allegaartje

Stellantis is, laten we eerlijk zijn, een allegaartje. Aan de Franse kant omvat het de massamerken Peugeot en Citroën, het na de overname nogal gekrompen Duits/Britse Opel/Vauxhall alsmede het pas verzelfstandigde DS en het sportwagenmerk Alpine. FCA brengt een grotere portefeuille in met Fiat, dat eigenlijk alleen in Italië iets voorstelt. Vervolgens hebben we Jeep, de op de VS gerichte merken Chrysler, Dodge en RAM, het in verval geraakte Alfa Romeo, het nog kleinere Lancia en Abarth en dan ook nog Maserati. Carlos Tavares, de CEO van Groupe PSA die die rol ook bij Stellantis krijgt, heeft beloofd dat al die merken blijven bestaan maar toch wordt nu al openlijk getwijfeld over het lot van Chrysler.

Geen fabriekssluitingen

Tavares heeft ook toegezegd dat er geen enkele fabriek wordt gesloten. Toch hoopt hij over enkele jaren gezien zeker 5 miljard euro op de kosten te besparen. Dat gebeurt in de eerste plaats door het gezamenlijk gebruik van platforms waarop de verschillende merken en modellen worden gebouwd, een ‘truc’ die ook binnen de Volkswagen Groep en bij Renault/Nissan/Mitsubishi op brede schaal wordt toegepast. Daarnaast kunnen de fusiepartners op veel grotere schaal onderdelen en diensten inkopen. Een belangrijk synergievoordeel is ook te behalen door het samen ontwikkelen van nieuwe modellen, waarmee wel de toekomst van de afzonderlijke R&D centra op de tocht komt te staan. In dat kader is het goed eraan te herinneren dat Tavares na de overname van Opel haar ontwikkelbedrijf in Rüsselheim met duizenden werknemers en al heeft verkocht.

Enorme uitdagingen

Nu heeft Tavares natuurlijk wel een ‘track record’ om u tegen te zeggen. Toen hij in 2014 na jaren bij Renault topman werd bij Groupe PSA verkeerde dat bedrijf bijna op de rand van de afgrond. Nu is datzelfde PSA één van de weinige autofabrikanten in de wereld die afgelopen jaar toch nog winst wist te maken. Ook is hij er in slechts anderhalf jaar in geslaagd het kwakkelende Opel er bovenop te helpen, hoewel dat merk wat verkopen betreft danig op de ranglijst is gezakt. Bij Opel zijn in die tijd duizenden banen verdwenen zonder noemenswaardige conflicten met de machtige Duitse vakbonden. De afgelopen maanden lukte het Tavares ook de familie Peugeot, de altijd weifelende Franse minister van EZ én de Chinese grootaandeelhouder Dongfeng achter zijn fusieplan te krijgen. Maar bij de aandeelhoudersmeeting in Parijs was hij wel eerlijk: “We staan met Stellantis voor enorme uitdagingen. Maar we staan klaar om aan dit nieuwe hoofdstuk te beginnen.’’

China ontbreekt

Geografisch lijkt de fusie ondertussen een goede greep. Groupe PSA is vooral actief in Europa en op kleinere schaal in Zuid-Amerika en een enkel ander land, FCA heeft weliswaar Fiat en het wat meer internationale Jeep maar draait toch vooral op de Amerikaanse merken. Wat dat betreft krijgt Mike Manley, die van CEO van FCA nu directeur Amerika van Stellantis wordt, de taak om de al lang gekoesterde wens van Peugeot om daar actief te worden te vervullen. Maar in die geografie ontbreekt één land, China, en eigenlijk heel Azië. De meest recente cijfers, over het derde kwartaal van 2020, laten zien dat PSA daar 12.000 van de in totaal bijna 590.000 auto’s verkocht terwijl dat bij FCA om 25.000 van de bijna 1,03 miljoen ging. Volgens de bekende Duitse autodeskundige prof. Ferdinand Dudenhöffer is dat de achilleshiel: “De grote markt voor de toekomst is Azië. Dat zal de autobusiness nog meer dan nu al domineren. PSA en FCA fuseren, ze vinden synergievoordelen, ze schrappen banen, oké. Maar ze missen het belangrijkste land in de hele auto-industrie.’’

Lees ook: Europese Commissie geeft definitief akkoord voor fusie FCA en PSA

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een gratis proefabonnement af

Bekijk de aanbieding

Ook aandeelhouders keuren fusie PSA en FCA goed - Automobielmanagement.nl

Ook aandeelhouders keuren fusie PSA en FCA goed

Op 16 januari, toch nog eerder dan verwacht, gaan PSA en FCA samen onder de naam Stellantis. De aandeelhouders hebben de fusie gisteren goedgekeurd. Het vierde autobedrijf ter wereld is daarmee een feit, met liefst 14 merken onder één dak en en een jaarlijkse productie van 8.7 miljoen voertuigen (cijfers 2019). Het hoofdkantoor staat in Amsterdam waar ook FCA haar juridische zetel heeft.

Na een akkoord van de Europese Commissie is gisteren de laatste horde genomen voor de fusie tussen PSA en FCA. Of eigenlijk was het geen horde want dat de aandeelhouders van zowel Groupe PSA als van Fiat Chrysler Automobiles de fusie goed zouden keuren, stond van te voren wel vast. Meer dan 99 procent stemde inderdaad vóór tijdens de – virtuele – buitengewone vergaderingen van aandeelhouders die beide bedrijven maandag hebben gehouden.

Opluchting

Zeker voor FCA komt het slagen van de fusie als een opluchting. Fiat Chrysler, zelf het resultaat van de overname van het failliete Chrysler door Fiat in 2014, is al een paar jaar op zoek naar een geschikte partner. In 2015 riep de toenmalige topman wijlen Sergio Marchionne dat een verdere schaalvergroting in de auto-industrie onvermijdelijk was om de toen al opdoemende uitdagingen van de elektrificatie, digitalisering en autonoom rijden het hoofd te bieden. FCA zocht eerst toenadering tot Renault maar dat stuitte op tegenstand van de Franse staat, één van de grootste aandeelhouders, die vreemd genoeg nu het samengaan met PSA wel volledig steunt. Groupe PSA deed ondertussen een kleinere deal met de overname van Opel/Vauxhall van General Motors in 2017. In het najaar van 2019 kondigden PSA en FCA tot veler verrassing hun 50/50 fusie aan die ondanks de wereldwijde crisis in de autowereld, de onderlinge verschillen en allerlei praktische problemen nu realiteit is geworden.

Allegaartje

Stellantis is, laten we eerlijk zijn, een allegaartje. Aan de Franse kant omvat het de massamerken Peugeot en Citroën, het na de overname nogal gekrompen Duits/Britse Opel/Vauxhall alsmede het pas verzelfstandigde DS en het sportwagenmerk Alpine. FCA brengt een grotere portefeuille in met Fiat, dat eigenlijk alleen in Italië iets voorstelt. Vervolgens hebben we Jeep, de op de VS gerichte merken Chrysler, Dodge en RAM, het in verval geraakte Alfa Romeo, het nog kleinere Lancia en Abarth en dan ook nog Maserati. Carlos Tavares, de CEO van Groupe PSA die die rol ook bij Stellantis krijgt, heeft beloofd dat al die merken blijven bestaan maar toch wordt nu al openlijk getwijfeld over het lot van Chrysler.

Geen fabriekssluitingen

Tavares heeft ook toegezegd dat er geen enkele fabriek wordt gesloten. Toch hoopt hij over enkele jaren gezien zeker 5 miljard euro op de kosten te besparen. Dat gebeurt in de eerste plaats door het gezamenlijk gebruik van platforms waarop de verschillende merken en modellen worden gebouwd, een ‘truc’ die ook binnen de Volkswagen Groep en bij Renault/Nissan/Mitsubishi op brede schaal wordt toegepast. Daarnaast kunnen de fusiepartners op veel grotere schaal onderdelen en diensten inkopen. Een belangrijk synergievoordeel is ook te behalen door het samen ontwikkelen van nieuwe modellen, waarmee wel de toekomst van de afzonderlijke R&D centra op de tocht komt te staan. In dat kader is het goed eraan te herinneren dat Tavares na de overname van Opel haar ontwikkelbedrijf in Rüsselheim met duizenden werknemers en al heeft verkocht.

Enorme uitdagingen

Nu heeft Tavares natuurlijk wel een ‘track record’ om u tegen te zeggen. Toen hij in 2014 na jaren bij Renault topman werd bij Groupe PSA verkeerde dat bedrijf bijna op de rand van de afgrond. Nu is datzelfde PSA één van de weinige autofabrikanten in de wereld die afgelopen jaar toch nog winst wist te maken. Ook is hij er in slechts anderhalf jaar in geslaagd het kwakkelende Opel er bovenop te helpen, hoewel dat merk wat verkopen betreft danig op de ranglijst is gezakt. Bij Opel zijn in die tijd duizenden banen verdwenen zonder noemenswaardige conflicten met de machtige Duitse vakbonden. De afgelopen maanden lukte het Tavares ook de familie Peugeot, de altijd weifelende Franse minister van EZ én de Chinese grootaandeelhouder Dongfeng achter zijn fusieplan te krijgen. Maar bij de aandeelhoudersmeeting in Parijs was hij wel eerlijk: “We staan met Stellantis voor enorme uitdagingen. Maar we staan klaar om aan dit nieuwe hoofdstuk te beginnen.’’

China ontbreekt

Geografisch lijkt de fusie ondertussen een goede greep. Groupe PSA is vooral actief in Europa en op kleinere schaal in Zuid-Amerika en een enkel ander land, FCA heeft weliswaar Fiat en het wat meer internationale Jeep maar draait toch vooral op de Amerikaanse merken. Wat dat betreft krijgt Mike Manley, die van CEO van FCA nu directeur Amerika van Stellantis wordt, de taak om de al lang gekoesterde wens van Peugeot om daar actief te worden te vervullen. Maar in die geografie ontbreekt één land, China, en eigenlijk heel Azië. De meest recente cijfers, over het derde kwartaal van 2020, laten zien dat PSA daar 12.000 van de in totaal bijna 590.000 auto’s verkocht terwijl dat bij FCA om 25.000 van de bijna 1,03 miljoen ging. Volgens de bekende Duitse autodeskundige prof. Ferdinand Dudenhöffer is dat de achilleshiel: “De grote markt voor de toekomst is Azië. Dat zal de autobusiness nog meer dan nu al domineren. PSA en FCA fuseren, ze vinden synergievoordelen, ze schrappen banen, oké. Maar ze missen het belangrijkste land in de hele auto-industrie.’’

Lees ook: Europese Commissie geeft definitief akkoord voor fusie FCA en PSA

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een gratis proefabonnement af

Bekijk de aanbieding