Het bedrijfswagenpark zoals we dat nu kennen, zal er over pakweg twintig jaar niet meer zijn. Dat komt door nieuwe soorten voertuigen en brandstoffen, maar ook door allerlei ‘ontwrichtende technologieën.’ Dat schrijft Shell in het rapport ‘Ultieme efficiëntie of digitale disruptie? Plan het wagenpark van de toekomst’. Dit document is gebaseerd op een onderzoek onder 750 beheerders van wagenparken in Nederland, het Verenigd Koninkrijk, Duitsland en Polen.

Eigen behoeftes

Bedrijfswagenparken vertegenwoordigen in Europa 5 procent van het wegverkeer, maar zijn wel goed voor 20 procent van alle uitstoot van broeikasgassen door voertuigen. Vanuit de maatschappij is er druk om iets aan die uitstoot te doen. Veel mensen denken daarbij aan elektrisch, maar daarmee kan nog lang niet alles worden ingevuld. En er zijn ook allerlei andere nieuwe voertuigtypen en brandstoffen beschikbaar en in aantocht. Bovendien heeft elk bedrijf weer zijn eigen behoeftes als het om het wagenpark gaat.

Beheerders van wagenparken moeten de komende jaren ‘de juiste mix van alternatieve brandstoffen vinden voor de behoeften van hun organisatie’, aldus het rapport. Van de ondervraagden denkt 53 procent de komende jaren nieuwe brandstoftypen in te voeren. En als ze de vrije hand hadden, koos 64 procent voor elektrisch of hybride boven diesel, benzine of alternatieve brandstoffen. In Nederland geeft zelfs 71 procent van de vlootbeheerders aan het liefst een elektrisch of hybride wagenpark te hebben, mits kosten geen enkele rol zouden spelen.

Autonome voertuigen

Eén van de ontwrichtende technologieën die het rapport noemt, zijn geautomatiseerde voertuigen. De Nederlandse wagenparkbeheerders zien daar vooral mogelijkheden in om de dagelijkse processen te automatiseren. Bijna driekwart van hen ziet de grootste kansen in het gebruik van autonome voertuigen en applicaties die ritten automatiseren. Opmerkelijk genoeg is er tegelijk verdeeldheid. Veel mensen uit de sector zien in autonome voertuigen zowel een kans (76 procent) als een bedreiging (77 procent). Bovendien denk een kwart dat senior managers en chauffeurs weerstand zullen bieden tegen deze en andere nieuwe technologieën.

Kosten en wetgeving

Het Nederlandse deel van de respondenten is enthousiast over de toekomst. De helft verwacht dat zijn of haar rol gaat veranderen. Zij denken vooral dat de nadruk meer komt te liggen op het managen van mensen, waar die nadruk nu vooral op het aansturen van voertuigen ligt. En eveneens de helft ziet naast kansen ook uitdagingen, met name in de operationele kosten en het voldoen aan alle wetgevingen die van toepassing zijn. Dat laatste wordt door 33 procent genoemd, terwijl 48 procent de operationele kosten als een echte uitdaging ziet.

De Nederlandse wagenparkbeheerders zien dus kansen en uitdagingen en willen daar graag mee aan de slag. Tegelijk denken ze niet dat dit met hun huidige kennis en vaardigheden volledig zal lukken. Veel van hen willen dan ook extra kennis opdoen en trainingen volgen. De Nederlandse beheerders van wagenparken zien bijvoorbeeld wel brood in advies over de transitie naar nieuwe soorten voertuigen.