Rotterdam heeft 47 laadpunten per 10.000 inwoners en behoort daarmee tot de voorhoede, net als veel andere gemeenten in de Randstad. Het gaat hier om het aantal stekkers aan (semi-)publieke laadpalen, snellaadstations inbegrepen. In het noorden en oosten van het land staan aanzienlijk minder palen.

In een grote stad loont het eerder om te investeren in laadinfrastructuur omdat er genoeg elektrische auto’s rondrijden, verklaart de Rotterdamse wethouder duurzaamheid Arno Bonte. Kleine gemeenten hebben dat voordeel niet en zijn daarom meer afwachtend.

Bonte zit regelmatig om de tafel met gemeenten die meer laadpalen willen neerzetten. Zijn advies: “Wie een elektrische auto bestelt, moet vanaf de eerste dag op kunnen laden. Het moet daarom zo makkelijk mogelijk zijn om een laadpaal aan te vragen.” Inwoners van Rotterdam kunnen zo’n aanvraag indienen via Laadpaalnodig.nl. Ook steeds meer andere gemeenten gebruiken die website.

In de toekomst is het misschien niet eens meer nodig om zo’n aanvraag te doen. Rotterdam wil in 2021 een systeem invoeren dat autoverkopen analyseert om te voorspellen in welke straat laadpalen nodig zijn.

Elektrische auto’s worden snel populairder. Begin dit jaar reden er volgens het CBS zo’n 45.000 volledig elektrische auto’s rond in Nederland. Sindsdien zijn er bijna 30.000 elektrische auto’s verkocht.

Eind september telde Nederland zo’n 47.000 (semi-)publieke laadpunten. In het regeerakkoord staat de ambitie dat in 2030 alle nieuwe auto’s emissieloos moeten zijn. Daar zijn 1,8 miljoen laadpunten voor nodig. Alleen Amsterdam heeft meer laadpunten (4824) dan Rotterdam. Daarna volgen Den Haag (2580) en Utrecht (1718).