Goed georganiseerde, internationale bendes die zich met deze vorm van oplichting bezighouden, gaan bovendien steeds agressiever te werk. Dat zegt deskundige Harry Blaauw van het Landelijk Informatiecentrum Voertuigcriminaliteit (LIV). Dit is een samenwerkingsverband van politie, verzekeraars en de Rijksdienst voor het Wegverkeer (RDW). Volgens Blaauw bleef de teller in 2010 steken op 400, dit jaar zijn er na 6 maanden al 381 gevallen gemeld. Het LIV baseert de cijfers op gegevens van de Belastingdienst, de politie en meldingen van gedupeerden. 

De kopieercriminelen gaan heel gehaaid te werk. Ze zoeken bij gestolen voertuigen vrijwel identieke exemplaren en kopiëren daarvan de autopapieren, sleutels, onderhoudsboekjes, kentekens en chassisnummers. De ‘kloonauto’s’ worden daarna via websites als Marktplaats aangeboden, verhandeld op parkeerplaatsen en contant afgerekend. Omdat zelfs experts de duplicaten nauwelijks van de echte kunnen onderscheiden en de gekloonde auto niet als gestolen geregistreerd staan, gaan ook bij de overschrijving geen alarmbellen rinkelen. 

Pas als de koop rond is, komt de koper er na verloop van tijd achter dat zijn auto een gekloond en gestolen exemplaar is, bijvoorbeeld doordat hij onverklaarbare boetes ontvangt of doordat de eigenaar van het originele voertuig een brief krijgt van de fiscus over het stopzetten van de wegenbelasting. Blaauw stelt dat de kopieerbendes steeds agressiever te werk gaan. Slachtoffers die aangifte willen doen, worden bedreigd. De onderzoeker verklaart de ‘schrikbarende’ stijging door te wijzen om de geringe pakkans. 

Om de autokloners de wind uit de zeilen te nemen, kondigt de RDW vanaf 1 januari 2012 een nieuwe controle aan op kentekenpapieren bij het overschrijven van een voertuig.