De ander is een magere Amerikaan van een jaar of veertig in een dik wollen vest, met een snor en baardje van het model dat Youp van het Hek ooit een ‘pratende kut’ noemde. Uit het gesprek begreep ik dat de Amerikaan net was ingevlogen en was uitgenodigd voor een lezing de volgende dag. Onze student had een uitstekende vocabulaire maar ook een enorm Dutch accent. Hij had kennelijk de taak de beste man op  te vangen en het onderwerp nog eens door te nemen. Er ontspon zich een gesprek.  

Amerikaan: "We hebben Larry moeten ontslaan. Hij werd te oud. Niemand wilde meer met hem werken. Zeker toen Laura kwam, was het voor hem over. Laura is er nu een paar jaar maar ze voldoet uitstekend. Iedereen werkt graag met haar."
Student: "Ik heb Larry nog meegemaakt. Hij was wel een fenomeen. Staat hij nu bij het oud vuil?"

Nu was mijn aandacht echt getrokken. Wát een praktijken daar in de VS. Jarenlang trouwe dienst en als oud vuil ter zijde geschoven. Typisch Amerika. Ook de dingen die ze met Laura uithaalden, vond ik op zijn minst weinig kies. Er werd met een passie en liefde over haar gesproken, maar ze moest dagelijks urenlang onderzoek ondergaan hoe ze armen en voeten bewoog, maanden achter elkaar. Totdat opeens het woord ‘robot’ viel. Ik was even verbijsterd als opgelucht. Vervolgens nam het gesprek nam een dergelijk hoog technisch niveau aan dat ik volledig afhaakte. Wel begreep ik nog dat de toekomst niet aan ons is, maar aan Laura. Toen het gesprek na een tijdje overging naar iets dat op social talk leek, haakte ik stiekem weer in. Het was inmiddels zes uur in de avond.
Student: "Wat gaat u straks doen?"
Amerikaan: "Ik denk dat ik zo ergens wat ga eten en misschien nog even een biertje pak.
Student: "Oké. Dan staat u een leuke avond te wachten. Tot ziens."
En abrupt stond de jongeling op, schudde nog snel even de hand van zijn gast, riep hem iets toe van ‘tot morgen tien uur’ en verdween in de druilerige maandagavond van Eindhoven.

Ik stond werkelijk perplex. Je nodigt een Amerikaanse gast uit en je laat de beste man hulpeloos en alleen achter in de mensa van de universiteit. Over het IQ van onze technische studenten maak ik mij geen seconde zorgen, maar wat betreft het EQ … daar kan er nog wel een puntje bij.