Bij het werkplaatsconcept van Volkswagen zouden elk jaar twintig nieuwe werkplaatsen moeten worden toegevoegd. Maar Volkswagen heeft het experiment gestopt en de onderneming verkocht aan manager Detlef Saemisch, die van ATU afkomstig is, zo meldt Automobilwoche.
Het zou de grote aanval moeten worden op vrije aftermarkt, maar Volkswagen heeft zijn strijd tegen de concurrenten als ATU (Auto Teile Unger) en soortgelijken afgeblazen. Drie jaar geleden werd de keten Stop + Go nog gereorganiseerd maar Wolfsburg heeft de zaak nu toch verkocht. Volgens een woordvoerder van Volkswagen is de wisseling van eigendom al rond de afgelopen jaarwisseling afgerond. Detlef Saemisch is nu eigenaar maar blijft ook aan als baas van Stop + Go. Hij wil geen nadere toelichting geven, zegt Automobilwoche.

Tot dusver zijn de groeiplannen van Stop + Go in ieder geval op geen stukken na gerealiseerd. Na de reorganisatie zouden jaarlijk twintig bedrijven moeten worden toegevoegd aan de keten, waarbij driekwart als franchiseconcept moest worden afgezet aan dealers uit de VW-stal, een kwart wilde Volkswagen zelf doen, bijvoorbeeld om ook plekken te kunnen bezetten waar geen dealer uit de VW-merkengroep is gevestigd. Maar de geplande groei van de keten bleef uit en sinds 2006 zijn er maar 24 Stop + Go’s gerealiseerd.

Het concept vroeg weinig op het gebied van standards van de toetreders maar bood daarentegen ook weinig ondersteuning. De bedoeling was dat de serviceketen de oudere Volkswagens weer terughaalt, de keten richt zich daarbij op slijtageonderdelen en onderhoudswerk van auto’s van acht jaar en ouder. Van die auto’s kwam nog maar één op de vijf naar de dealerwerkplaatsen, vandaar de actie van Volkswagen. Het concern zal nu andere wegen moeten zoeken deze klanten weer voor zich te winnen.      

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een gratis proefabonnement af

Bekijk de aanbieding