Andere eigenschappen die de kans op een stageplaats vergroten, zijn interesse in techniek en initiatief tonen. Dat en meer blijkt uit een gezamenlijk onderzoek van OOMT en Innovam – ‘Kwaliteit van leerlingen in de mobiliteitsbranche’. 

Het onderzoek geeft inzicht in de tevredenheid van het bedrijfsleven over instromende leerlingen. Gevraagd naar de belangrijkste selectiecriteria geven de meeste ondernemingen aan dat zij iemand zoeken met een positieve houding en presentatie (68%), interesse in techniek (51%) en eigen initiatief (37%). De meeste ondervraagde leermeesters geven hun leerlingen een 7.

De ideale vooropleiding voor een mbo-stageplaats in de voertuigtechniek verschilt per functiesoort. Vmbo-ers zijn meer praktisch ingesteld, waardoor zij beter geschikt zijn voor een functie als Autotechnicus. Leerlingen van vmbo-t/mavo en havo zijn meer theoretisch ingesteld en hebben daardoor de potentie om door te groeien naar een functie als Technisch Specialist of het middenkader. Een meerderheid van de leermeesters, 71%, geeft de voorkeur aan vmbo richting techniek als vooropleiding. 64% verkiest een BBL-leerling (vier dagen werken, één dag naar school) boven een BOL-leerling omdat zij meer uren maken en daardoor sneller meer leren. Ook verwachten leermeesters dat BBL-leerlingen na de stage vaker in dienst blijven, zodat de investering in de leerling resultaat oplevert voor de lange termijn.

OOMT en Innovam willen de kwalitatieve en kwantitatieve afstemming tussen vraag en aanbod van leerlingen bevorderen. "Daarom gaan wij ons bij werving specifiek richten op de motivatie van jongeren", zegt OOMT-directeur Bea Berndsen.

Het volledige onderzoek staat op www.oomt.nl en www.innovam.nl/onderzoek.